Gesponsord door:
Terug Naar overzicht

Guarboonvezels

Deels gefermenteerde guarboonvezels superieur prebioticum

31-mrt-2021
Lees hier het resumé

Inleiding

Deels gefermenteerde guarboonvezels (guarvezels) zijn niet-visceuze, volledig wateroplosbare en volledig fermenteerbare voedingsvezels die fungeren als prebioticum (voedsel voor gunstige darmbacteriën) en bijdragen aan de darmgezondheid, een normale stoelgang en een evenwichtig immuunsysteem. Mede door het tegengaan van intestinale dysbiose en een verhoogde doorlaatbaarheid van het darmslijmvlies (lekkende darm) kan suppletie met guarvezels bij verschillende aandoeningen buiten het maag-darmkanaal zinvol zijn. Plantaardige voedingsvezels met aangetoonde gezondheidseffecten zoals guarvezels worden functionele vezels genoemd.(1)

Superieur prebioticum

Wateroplosbare, (deels) fermenteerbare voedingsvezels hebben vergelijkbare gezondheidseffecten. Guarvezels hebben echter diverse voordelen ten opzichte van de meeste andere oplosbare vezels: ze hebben een sterkere prebiotische werking (volledige fermentatie met een grotere invloed op het intestinale microbioom en hogere productie korteketenvetzuren), zijn werkzaam in een lagere dosis (vanaf 2-6 gram per dag), worden uitstekend verdragen (door trage fermentatie) en hebben geen invloed op de geur, kleur, smaak en consistentie van dranken en voedsel waar ze aan worden toegevoegd, ook niet bij een hoge dosis. Daarbij zijn guarvezels, in tegenstelling tot snel fermenteerbare vezels zoals inuline/ fructo-oligosachariden, uitermate geschikt voor de behandeling van PDS (prikkelbaredarmsyndroom).(2)

Deels gefermenteerde guarboonvezels

Guargom (zie figuur 1) bestaat uit galactomannan-polysachariden en wordt gewonnen uit Indiase guarbonen (Cyamopsis tetragonoloba). Guargom wordt gerekend tot de wateroplosbare, goed fermenteerbare voedingsvezels; een algemene inleiding over voedingsvezels is te vinden in het overzichtsartikel over psyllium. Guargom vormt een visceuze gel in water en wordt in de levensmiddelenindustrie gebruikt als natuurlijk verdikkingsmiddel en stabilisator (E412).(1)

figuur 1

Figuur 1: Biochemische structuur van guargom, een polysacharide (galactomannan) opgebouwd uit mannose (hoofdketen) en galactose in een verhouding 2:1 (1)

Deels opgesplitste (gehydrolyseerde/gefermenteerde) guargom (PHGG, Partially Hydrolyzed Guar Gum), in dit artikel deels gefermenteerde guarboonvezels of guarvezels genoemd, ontstaat door de enzymatische afbraak (hydrolyse, fermentatie) van guargom door β-endogalactomannase uit de schimmel Aspergillus niger.(2) Guargom heeft een moleculair gewicht van circa 200-900 kDa (kilodalton) en een viscositeit (traagvloeibaarheid, stroperigheid) van meer dan 2000 cP (centipoise) bij een 1%-oplossing, guarvezels daarentegen een moleculair gewicht van circa 20 kDa en een zeer lage viscositeit (<12 cP bij een 5%-oplossing).(1,2,4) Ter vergelijking: water van 20 graden Celsius heeft een viscositeit van 1 cP. Het unieke van guarvezels is, dat ze bestaan uit korte ketens (3-8 suikereenheden) en middellange ketens (9-30 suikereenheden) galactomannan in een verhouding 1:7, terwijl de meeste andere oplosbare vezels bestaan uit hetzij korte ketens, hetzij lange ketens van polysachariden. De gezondheidseffecten van guargom en deels gefermenteerde guarboonvezels zijn vergelijkbaar maar niet precies even groot; de effecten van guargom zijn mede gebaseerd op vorming van een visceuze gel, terwijl guarvezels een sterkere prebiotische werking hebben door volledige fermentatie.

Prebiotische gezondheidseffecten

1. Guarvezels gaan intestinale dysbiose tegen en verbeteren de darmbarrièrefunctie
Prebiotica zijn niet-verteerbare vezels die dienen als voedsel voor bepaalde groepen darmbacteriën in de dikke darm en het distale deel van de dunne darm. In preklinische en klinische studies is aangetoond dat guarvezels de vermeerdering en/of activiteit van symbionten (gunstige commensale darmbacteriën waaronder Bifidobacterium, Lactobacillus, Bacteroides, Parabacteroides en Ruminococcus) stimuleren ten koste van pathobionten (commensale darmbacteriën die potentiële ziekteverwekkers zijn zoals Clostridium, Proteobacteria en Desulfovibrio soorten) en van buiten komende pathogenen (ziekteverwekkende micro-organismen zoals Salmonella en Campylobacter).(1-3,5-9)

Symbionten verdringen pathobionten en pathogenen op verschillende manieren:

  • Door competitie om voedsel en bindingsplaatsen aan de darmmucosa (kolonisatieresistentie);
  • Door verhoging van de zuurgraad in de dikke darm, mede door de vorming van korteketenvetzuren (butyraat, acetaat, propionaat) uit guarvezels en de productie van organische zuren (waaronder citroenzuur, melkzuur, barnsteenzuur, fumaarzuur en azijnzuur);
  • Door de productie van antimicrobiële stoffen zoals waterstofperoxide, melkzuur en bacteriocines;
  • Door stimulering van een antimicrobiële (mucosale) immuunrespons, specifiek gericht tegen pathobionten en pathogenen.

Door toename van de hoeveelheid symbionten, die de darmmucosa beschermen en voeden, en afname van de hoeveelheid pathobionten en pathogenen, die pro-inflammatoire en toxische stoffen produceren, ondersteunen guarvezels de darmbarrièrefunctie en gaan ze verhoging van de darmpermeabiliteit (lekkende darm) door intestinale dysbiose tegen.(1)

Intestinale dysbiose en chronische ziekten

2. Guarvezels verbeteren de stoelgang en gaan constipatie en diarree tegen
Het regulerende effect van guarvezels op de stoelgang is te danken aan verbetering van de samenstelling van het intestinale microbioom (zoals meer Bacteroidetes, Alloprevotella, Bifidobacterium en Lactobacillus, minder Firmicutes en Desulfovibrio) met sterke verhoging van de productie van korteketenvetzuren.(6)

Bij constipatie neemt de fecale bulk iets toe en wordt feces zachter door de grotere hoeveelheid bacteriën in feces en niet zozeer doordat guarvezels water vasthouden; ze hebben immers een lage viscositeit en worden (vrijwel) volledig afgebroken.(6,28) Korteketenvetzuren versnellen de darmpassage door het stimuleren van de darmperistaltiek, butyraat gaat mogelijk pijn tijdens defecatie tegen. Diverse dierstudies en humane studies hebben aangetoond dat guarvezels constipatie tegengaan.(2,6)

Er zijn sterke aanwijzingen dat sulfaatreducerende bacteriën zoals Desulfovibrio-bacteriën een rol spelen bij onder meer constipatie en PDS-C (prikkelbaredarmsyndroom met overwegend constipatie). Guarvezels verlagen de concentratie Desulfovibrio-bacteriën.(6) Ook zorgen guarvezels voor daling van de ratio Firmicutes/Bacteroidetes, hetgeen is geassocieerd met verbetering van de stoelgang bij constipatie, maar ook met gewichtsdaling bij overgewicht/obesitas en daling van de ontstekingsactiviteit bij inflammatoire darmziekten.(6)

Dat guarvezels diarree tegengaan, onder meer aangetoond in een diermodel voor virale gastro-enteritis (buikgriep), komt door sterke verhoging van de productie van korteketenvetzuren uit guarvezels en  verlenging van de colonpassagetijd.(2,29) Opname van korteketenvetzuren door de dikkedarmmucosa zorgt voor verhoging van de (re)absorptie van elektrolyten zoals natrium, hetgeen leidt tot toename van de water(re)absorptie vanuit het colon en versterking van de darmmucosa.(2) Dit impliceert dat guarvezelsuppletie de effectiviteit van rehydratievloeistof (ORS, Oral Rehydration Solution) bij acute diarree verhoogt.(29)

Gezondheidseffecten korteketenvetzuren

3. Guarvezels hebben ontstekingsremmende, immunomodulerende en antioxidatieve effecten en remmen veroudering
Verbetering van de verhouding tussen (anti-inflammatoire) symbionten en (pro-inflammatoire) pathobionten/pathogenen en verhoging van de synthese van korteketenvetzuren heeft een gunstige invloed op het immuunsysteem van de darm (Gut Associated Lymphoid Tissue, GALT) en daarmee op het immuunsysteem in het hele lichaam.(1) Mede door antioxidatieve effecten gaan guarvezels veroudering tegen.

PDS en inflammatoire darmziekten
Intestinale dysbiose, een verhoogde darmpermeabiliteit en ontsteking spelen een rol bij PDS en inflammatoire darmziekten (colitis ulcerosa, de ziekte van Crohn).(41,42) Guarvezels stimuleren onder meer de vermeerdering van Parabacteroides; vermeerdering van deze bacteriesoorten is geassocieerd met verlaging van de kans op PDS en ulceratieve colitis.(5) Ook bevorderen guarvezels de vermeerdering van Bifidobacterium-soorten, die significant zijn verlaagd bij alle vormen van PDS.(41) Toename van lactobacillen door het gebruik van guarvezels, samen met vermeerdering van bifidobacteriën, gaat gepaard met verbetering van symptomen van PDS zoals buikpijn en een opgezette buik.(41,43) De toename van bifidobacteriën heeft vermoedelijk ook een gunstige invloed op de stemming.(42) Naast het stimuleren van de vermeerdering van symbionten zorgen guarvezels voor remming van pathobionten zoals Clostridium-soorten, Enterobacteriaceae en Streptococcaceae.(28,44,45) Door de trage fermentatie veroorzaken guarvezels geen gasvorming en een opgeblazen gevoel.(2)

In twee dierstudies, die model staan voor inflammatoire darmziekten, zorgde langdurige suppletie met guarvezels voor significante afname van ontsteking van de dikkedarmmucosa (afname accumulatie van ontstekingscellen, met name neutrofielen, daling pro-inflammatoire TNF-alfa, afname lipidenperoxidatie), verbetering van de darmbarrière (toename synthese tight-junctioneiwitten) en afname van ziektesymptomen (gewichtsverlies, bloed in de ontlasting, afwijkende fecesconsistentie) door het moduleren van het intestinale microbioom en verhogen van de synthese van korteketenvetzuren.(46,47) Een gecombineerde in-vitrostudie en dierstudie liet zien dat suppletie met guarvezels het herstel van beschadigd darmepitheel bij inflammatoire darmziekten bevordert.(48) De onderzoeksresultaten suggereren dat guarboonvezels kunnen worden ingezet voor de preventie en behandeling van inflammatoire darmziekten zoals colitis ulcerosa. Helaas is er nog vrijwel geen onderzoek gedaan met guarvezels bij mensen met colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn.

Pouchitis bij een ileo-anale pouch (iliostoma)
Ongeveer 10 tot 35% van de mensen met ernstige colitis ulcerosa ondergaat een chirurgische ingreep, waarbij het colon wordt verwijderd (colectomie) en een zogeheten ileo-anale pouch (IPAA, Ileal Pouch-Anal Anastomosis) wordt aangelegd. Een ileo-anale pouch is een reservoir tussen de dunne darm en anus, gemaakt van het laatste deel van de dunne darm, dat ervoor zorgt dat de ontlasting kan indikken zoals normaliter in de dikke darm plaatsvindt.(49) Pouchitis, ontsteking van de pouch, is de meestvoorkomende langetermijncomplicatie. Ongeveer 40% van de mensen met een ileo-anale pouch heeft een enkele keer pouchitis, 5-10% ontwikkelt chronische pouchitis.(50) De belangrijkste symptomen zijn een toegenomen defecatiefrequentie, diarree, sterkere aandrang en buikkrampen. Bacteriële overgroei, naast erfelijke aanleg, speelt een belangrijke rol bij pouchitis, dat standaard wordt behandeld met antibiotica. In een diermodel voor ileo-anale pouch met pouchitis is aangetoond dat rectale toediening van guarvezels bacteriële overgroei en ontsteking van de pouch significant tegengaat en symptomen van pouchitis significant verlicht.(50) Of toediening van guarvezels ook bij mensen met pouchitis helpt, is nog niet onderzocht.

Ontsteking en degeneratie darmmucosa na uitgebreide dunnedarmresectie
Na verwijdering van een groot deel van de dunne darm ontstaat het kortedarmsyndroom met problemen zoals malabsorptie, gewichtsverlies, vettige diarree, bloedarmoede en vermoeidheid. Kortedarmsyndroom is geassocieerd met slijmvliesontsteking, slijmvliesatrofie, bacteriële overgroei en afgenomen diversiteit van het intestinale microbioom. In een diermodel voor uitgebreide dunnedarmresectie is vastgesteld dat suppletie met guarvezels slijmvliesdegeneratie en slijmvliesontsteking vermindert, mede door verhoging van de productie van korteketenvetzuren en modulatie van het microbioom.(51)

Chronisch nierfalen
Intestinale dysbiose (met verlaging van Lactobacillaceae) en intestinale hyperpermeabiliteit dragen, mede door verergering van systemische ontsteking, bij aan de progressie van chronisch nierfalen en daarmee samenhangende complicaties zoals hart- en vaatziekten.(24) In een diermodel voor chronisch nierfalen zorgden guarvezels voor versterking van de darmbarrière (toename expressie tight-junctioneiwitten), verbetering van het intestinale microbioom (toename van Lactobacillus-bacteriën) en verhoging van (anti-inflammatoire) korteketenvetzuren in het colon.(52) Daarnaast verbeterde de nierfunctie en daalde de expressie van pro-inflammatoire cytokines (tumornecrosefactor-α, interleukine-1β, interleukine-6) in de nieren. De resultaten suggereren dat suppletie met guarvezels ziekteprogressie bij chronisch nierfalen kan remmen.

Versnelde veroudering door oxidatieve stress
In een diermodel voor versnelde veroudering door oxidatieve stress (geïnduceerd door D-galactose) is aangetoond dat suppletie met guarvezels (1500 mg/kg/dag) zorgt voor significante verlaging van oxidatieve stress, verhoging van de antioxidantcapaciteit in bloedserum en hersenen en verbetering van biomarkers voor veroudering in de hersenen (waaronder AGE’s [Advanced Glycation End Products], telomerase, NO [stikstofmonoxide] en iNOS [inducible nitric oxide synthase]).(9) Ook leidde guarvezelsuppletie tot significante verhoging van de genexpressie van het enzym SIRT1 (sirtuin-1), hetgeen is geassocieerd met remming van cel- en weefselveroudering.(9,53) De antiverouderingseffecten van guarvezels zijn toe te schrijven aan een gezonder intestinaal microbioom (toename Lactobacilli, Bifidobacteria, Bacteroides, Verrucomicrobia en Akkermansia, afname Firmicutes, Actinobacteria, Rikenellaceae, Clostridia en Proteobacteria).(9)

4. Guarvezels verhogen het verzadigingsgevoel na het eten
Met name visceuze voedingsvezels verhogen het verzadigingsgevoel na het eten, verlagen de energie-inname en helpen op gewicht te blijven of af te vallen.(40) Ondanks dat guarvezels geen hoge viscositeit hebben zoals guargom of psylliumvezels, zijn de effecten van guarvezels op de verzadiging en gewichtscontrole toch relevant.(54-59)

In een humane studie met gezonde volwassenen zorgde toevoeging van guarvezels aan de maaltijd (2-6 gram per maaltijd) voor significante verhoging van het verzadigingsgevoel (na het eten, tussen de maaltijden) en verlaging van de calorie-inname.(54) Bij slanke volwassenen die gedurende langere tijd 2 gram guarvezels per dag innamen, daalde de dagelijkse calorie-inname uit snacks met 20%.(55) Obese volwassenen hebben vermoedelijk 20 gram guarvezels per dag nodig (verdeeld over de dag bij de maaltijd) om de eetlust te remmen.(55) Guarvezels verhogen het verzadigingsgevoel mede door vertraging van de maaglediging, verlenging van de colonpassagetijd, verhoging van de verzadigingshormonen GLP-1 (glucagon-like peptide 1), PYY (polypeptide-YY) en cholecystokinine, en directe beïnvloeding van hersengebieden die de eetlust reguleren (zoals de hypothalamus).(1,40,54,55,57,58) Korteketenvetzuren spelen hierbij een centrale rol.(58) Het verzadigingseffect van guarvezels is groter als het samen met eiwitten wordt ingenomen.(55) Guarvezels zorgen tevens voor verlaging van de ratio Firmicutes/Bacteroidetes in feces, hetgeen is geassocieerd met gewichtsdaling.(9,60)

5. Guarvezels zijn gunstig voor de glucose- en vetstofwisseling
Er zijn aanwijzingen dat guarvezels, net als andere oplosbare vezels, een gunstige invloed hebben op de bloedglucose- en bloedlipidenspiegels. In diverse dierstudies en humane (pilot)studies is aangetoond dat guarvezels de cholesterolspiegel verlagen.(56,61-65) Guarvezels verlagen de cholesterolspiegel mede door remming van de cholesterolsynthese in de lever door korteketenvetzuren, met name propionaat, en verhoging van de uitscheiding van galzuren met de ontlasting.(56,62) Daarnaast verlagen guarvezels de (postprandiale) triglyceridenspiegel.(4,56,64-66) Er zijn aanwijzingen dat guarvezels, ondanks de lage viscositeit, de postprandiale bloedglucose- en insulinespiegels verlagen bij gezonde mensen en mensen met diabetes type 2.(56,67-70) Bij mensen met diabetes type 2 kan dagelijkse suppletie met guarvezels (10 gram/dag) bijdragen aan een betere glykemische controle.(59,70-72) Toevoeging van 3 gram guarvezels aan de maaltijd verlaagt de glykemische index van het voedsel.(70)

Toepassingen guarvezels

Klinische studies met guarvezels

Gunstige beïnvloeding intestinale microbioom
In verschillende humane studies is aangetoond dat guarvezels een significante invloed hebben op het intestinale microbioom en de vermeerdering van symbionten bevorderen.(7,44,75) In een studie met 10 gezonde volwassenen leidde guarvezelsuppletie (6 gram per dag gedurende 2 weken) tot significante toename van Bifidobacterium-soorten en butyraatproducerende bacteriën (Roseburia/Eubacterium rectale, Eubacterium hallii, bacteriestam SS2/1) in de feces.(7) Bij 9 gezonde proefpersonen zorgde guarvezelsuppletie (driemaal daags 7 gram gedurende 14 dagen) voor significante toename van Bifidobacterium- en Lactobacillus-soorten in de feces. Andere (ongunstige) bacteriesoorten, waaronder Clostridium, Enterobacteriaceae en Streptococcaceae, namen in aantal af.(44) In een recente studie leidde suppletie met guarvezels (5 gram per dag, gedurende 3 weken oplopend naar 15 gram per dag) bij 20 gezonde proefpersonen tot significante veranderingen van het intestinale microbioom. De onderzoekers zagen een significante toename van Bacteroides, Ruminococcus, Fusicatenibacter en Faecalibacterium, en een afname van Roseburia, Lachnospiracea en Blautia bacteriën.(75) Deze veranderingen verdwenen grotendeels na het stoppen met guarvezelsuppletie. Guarvezels (5-15 gram/dag) moduleren het intestinale microbioom en verbeteren de stoelgang ook bij gezonde mensen met een enigszins onregelmatig defecatiepatroon met een lichte neiging tot constipatie of diarree.(2,75,76)

Constipatie
In ten minste 14 humane studies met 631 deelnemers is aangetoond dat suppletie met guarvezels (chronische) constipatie significant verlicht met verbetering van de consistentie van de feces, toename van de fecale bulk en ontlastingsfrequentie en afname van buikpijn en persen bij defecatie.(2) De studieresultaten laten zien dat een dosis van 5 tot 10 gram guarvezels per dag meestal voldoende is bij constipatie.(2) Een dosis van 5 gram guarvezels per dag kan al voldoende zijn om constipatie te voorkomen bij gezonde volwassenen met neiging tot constipatie.(76) Guarvezels zijn gezond, veilig en gebruiksvriendelijk en kunnen in veel gevallen onoplosbare vezels, laxeermiddelen en medicijnen tegen constipatie vervangen.(2)

De effectiviteit van guarvezelsuppletie bij constipatie is aangetoond bij verschillende doelgroepen:

  • Constipatie bij kinderen: Bij kinderen zijn guarvezels even effectief als het laxeermiddel lactulose bij het tegengaan van chronische functionele constipatie (zonder organische oorzaak). Dit is de conclusie van een klinische studie met 61 kinderen (4-16 jaar) met chronische constipatie (Rome III criteria).(77) Dertig kinderen namen gedurende 4 weken guarvezels in, opgelost in vruchtensap (3 gram/dag bij 4-6 jaar; 4 gram/dag bij 6-12 jaar en 5 gram/dag bij 12-16 jaar), 31 kinderen namen lactulose (1 ml/kg/dag). In beide groepen verbeterden de defecatiefrequentie en fecesconsistentie significant en namen buikpijn, het ophouden van de ontlasting en rectaal bloedverlies sterk significant af. Guarvezels waren gebruiksvriendelijker dan lactulose, met name bij de oudste groep die dagelijks een aanzienlijke hoeveelheid lactulose moest innemen. Daarbij had lactulose meer bijwerkingen zoals een vieze smaak in mond, winderigheid en een pijnlijk, opgeblazen gevoel. Van lactulose is bekend dat de werkzaamheid na verloop van tijd afneemt, terwijl dit bij guarvezels niet het geval is. Daarbij kan guarvezelsuppletie bijdragen aan de preventie van kinderobesitas, metabool syndroom en andere chronische ziekten.(77)
  • Constipatie bij volwassenen: in een humane studie met 15 gezonde vrouwen (18-48 jaar) met constipatie zorgde guarvezelsuppletie (tweemaal daags 5,5 gram gedurende 3 weken) voor zachtere ontlasting, een lagere pH van de ontlasting en significante toename van de defecatiefrequentie van gemiddeld 0,46 naar 0,63 keer per dag.(28) Het gehalte lactobacillen in de ontlasting nam significant toe. In een andere studie met 49 volwassenen met chronische constipatie verkortten guarvezels (5 gram/dag gedurende 4 weken) de colonpassagetijd met gemiddeld 12 uur (21%) en bij mensen met een trage colonpassage met 22 uur.(78) De defecatiefrequentie nam significant toe, de fecesconsistentie normaliseerde en buikpijn en het gebruik van laxeermiddelen namen significant af. De studie toont aan dat guarvezels helpen bij  constipatie door een trage colonpassage, in tegenstelling tot andere voedingsvezels waaronder psyllium.
  • Constipatie bij ouderen: in een pilotstudie is het effect van guarvezelsuppletie onderzocht op constipatie en het gebruik van laxeermiddelen bij 16 ouderen (gemiddeld 83 jaar) in een verpleeghuis.(79) De ouderen namen 4 weken lang guarvezels in. In de eerste week werd de dosis guarvezels geleidelijk verhoogd van 4 gram per dag naar 12 gram per dag, terwijl het gebruik van laxeermiddelen werd afgebouwd. De 3 daaropvolgende weken namen de ouderen alleen 12 gram guarvezels per dag in, of 8 gram per dag als de hoge dosis niet goed werd verdragen. Aanvullend gebruik van laxeermiddelen was vrijwel niet nodig. De onderzoekers concluderen dat guarvezels even effectief zijn als laxeermiddelen tegen constipatie bij ouderen. Guarvezels hebben daarnaast andere gezondheidseffecten, kunnen langdurig worden gebruikt en hebben niet de nadelen die laxeermiddelen op termijn hebben, zoals gewenning en het trager worden van de darmperistaltiek.(79)
  • Constipatie bij autistische kinderen: er zijn sterke aanwijzingen dat intestinale dysbiose en verhoging van de darmpermeabiliteit een rol spelen in de pathogenese van autismespectrumstoornissen (ASS). Kinderen met ASS hebben vaker dan gemiddeld last van constipatie. Bij Japanse kinderen met ASS is vastgesteld dat bacteriesoorten van het geslacht Faecalibacterium oververtegenwoordigd zijn, terwijl bacteriesoorten van het geslacht Blautia ondervertegenwoordigd zijn in het intestinale microbioom. In een recente studie met 13 kinderen (4-9 jaar) met ASS en constipatie leidde guarvezelsuppletie (6 gram/dag gedurende 2-15 maanden) tot significante verbetering van de stoelgang en afname van intestinale dysbiose. Dit ging gepaard met daling van de ontstekingsmarkers interleukine-1β en tumornecrosefactor-α in bloedserum en afname van prikkelbaar gedrag, gemeten met ABC (Aberrant Behavior Checklist).(80)
  • Constipatie bij nierdialysepatiënten: nierdialysepatiënten hebben vaak last van constipatie. In een pilotstudie namen 15 nierdialysepatiënten gedurende 4 weken een guarvezelsupplement in (tweemaal daags 5,1 gram).(8) Gebruik van het prebioticum verbeterde de fecesconsistentie significant met afname van de constipatiescore van 5,1 naar 3,0. Guarvezelsuppletie leidde tot significante toename van Lactobacillus, Bifidobacterium en Bacteroides en toename van de productie van korteketenvetzuren. In een andere studie namen 35 nierdialysepatiënten 6 of 24 weken lang 10 gram guarvezels per dag in.(81) Dit resulteerde niet alleen in significante verbetering van de stoelgang bij alle proefpersonen, maar ook in verbetering van de voedingsstatus en afname van de spiegel van het nefrotoxische indoxylsulfaat bij 8 proefpersonen die guarvezels gedurende 24 weken innamen. Verlaging van de indoxylsulfaatspiegel is geassocieerd met een tragere progressie van nierfalen.
  • Constipatie bij mensen met een mentale en/of fysieke beperking: in een instelling voor mensen met een mentale en/of fysieke beperking is aangetoond dat dagelijkse suppletie met guarvezels het gebruik van klysma’s kan beperken. Inname van guarvezels (18 gram/dag gedurende maximaal 9 maanden) door 187 bewoners met chronische constipatie leidde tot significante verbetering van de stoelgang en afname van het gebruik van klysma’s van gemiddeld 7-8 keer per maand naar 1-3 keer per maand.(82)   

Diarree
In 7 humane studies met in totaal 465 kinderen en volwassenen is aangetoond dat guarvezels helpen tegen diarree.(2) De studieresultaten suggereren dat een dosis tot 10 gram guarvezels per dag voldoende is voor de preventie van diarree en een dosis tot 20 gram per dag voor de behandeling van diarree.(2)

Guarvezels gaan diarree significant tegen, onder meer:

  • Diarree bij baby’s en peuters: in twee klinische studies met in totaal 266 baby’s en peuters (4-24 maanden) met acute of chronische diarree zorgde toevoeging van guarvezels (20 gram/liter) aan ORS (oral rehydration solution, rehydratievloeistof) dat de diarree significant sneller overging, vergeleken met alleen ORS, en de hoeveelheid ontlasting daalde.(83,84) In een andere gecontroleerde klinische studie kregen 126 ernstig ondervoede baby’s en peuters (6-36 maanden) met acute diarree ORS met guarvezels (15 gram per liter) of alleen ORS. De diarree duurde significant korter, gemiddeld 57 uur, in de guarvezelgroep tegenover 75 uur in de controlegroep.(85) De kinderen in de guarvezelgroep kwamen ook beter in gewicht aan.
  • Diarree bij sondevoeding: in diverse studies was suppletie met guarvezels (20-22 gram/liter) effectief in het tegengaan van diarree bij ernstig zieke patiënten die sondevoeding kregen op de IC-afdeling en/of na een operatie.(86-89)
  • Diarree door suikeralcoholen: niet-verteerbare suikeralcoholen zoals maltitol en lactitol kunnen bij overmatig gebruik (hyperosmotische) diarree veroorzaken. Suppletie met guarvezels (5 of 10 gram) leidt tot dosisafhankelijke afname van diarree.(2,90)
  • Milde diarree bij gezonde volwassenen: guarvezels helpen diarree tegen te gaan bij gezonde mensen die geregeld losse ontlasting hebben maar geen aanhoudende diarree. In een Japanse studie met 44 gezonde volwassenen leidde suppletie met guarvezels (5 gram per dag gedurende 12 weken) tot significante verbetering van de stoelgang, vergeleken met placebo, bij een tendens tot diarree en PDS-D-achtige symptomen zoals buikpijn, winderigheid, een opgeblazen gevoel en plotse aandrang tot ontlasten.(3) De proefpersonen hadden ten minste 7 keer per week ontlasting, waarbij meer dan 50% een BSS (Bristol stoelgangschaal) had van 5 of 6 (zachte keutels met duidelijke randen of papperige, brijige feces) op een schaal van 1 (losse, harde keutels) tot 7 (waterige, volledig vloeibare feces). Guarvezelsuppletie zorgde voor (significante) normalisering van de fecesconsistentie (BSS 3 of 4) zonder invloed op de defecatiefrequentie. Hierbij nam de concentratie bifidobacteriën en butyraatproducerende bacteriën (Ruminococcus, Megasphaera) in de feces significant toe. Het gevoel van welbevinden verbeterde significant in de guarvezelgroep.
  • Diarree bij gezonde atleten: bij atleten had guarvezelsuppletie (6 gram per dag gedurende 3 weken) significante invloed op de samenstelling van het intestinale microbioom (toename Actinobacterium en Bifidobacterium, afname Firmicutes en Bacteroides) en zorgde het voor significante afname van diarree en een onprettig gevoel tijdens defecatie.(91)
  • Diarree bij nierdialysepatiënten: diarree bij nierdialysepatiënten wordt voor meer dan 60% veroorzaakt door laxeermiddelen tegen constipatie.(2,8) In een humane studie verbeterde de stoelgang significant bij 34 nierpatiënten met diarree door gebruik van guarvezels (10 gram/dag gedurende 4 weken).(2) Diarree wordt in veel gevallen voorkomen door laxeermiddelen te vervangen door guarvezels.(8,81)
  • Diarree door cholera: door Vibrio cholerae veroorzaakte acute diarree bij volwassenen verbetert significant door guarvezelsuppletie, behalve bij zeer ernstige diarree (fecesgewicht >10 kg in de eerste 24 uur). Dit blijkt uit een klinische studie waarin 195 volwassen mannen (gemiddeld 29 jaar) met cholera ORS met guarvezels kregen (25 of 50 gram/liter), of alleen ORS. Guarvezelsuppletie (beide doseringen) leidde tot sterk significante afname van het (24-uurs) fecesgewicht, vergeleken met de controlegroep. Bij de hogere dosis guarvezels hield diarree een paar uur langer aan. De onderzoekers concludeerden dat guarvezelsuppletie effectief is in een dosis van 25 gram per liter ORS en dat de optimale dosis mogelijk nog lager is (circa 10-15 gram per liter).(29) 

Prikkelbaredarmsyndroom
PDS (prikkelbaredarmsyndroom, spastische darm) is de meestvoorkomende aandoening van het maag-darmkanaal; naar schatting 10-20% van de bevolking heeft er last van. PDS is een functionele stoornis van met name de dikke darm met klachten zoals buikpijn, buikkrampen, een opgeblazen gevoel of opgezette buik, winderigheid, slijm bij de ontlasting, vermoeidheid, misselijkheid en verandering van de stoelgang met constipatie en/of diarree. Bij PDS-D is er overwegend diarree, bij PDS-C constipatie en bij PDS-A afwisselend diarree en constipatie. Veertig tot zestig procent van de mensen met PDS heeft tevens een psychische aandoening zoals depressie of angst.

Suppletie met guarvezels zorgt voor significante afname van (maag-)darmklachten, significante verbetering van de stoelgang en significante verhoging van de kwaliteit van leven bij mensen met PDS-D, PDS-C of PDS-A. Dit is aangetoond in 8 studies met 692 proefpersonen met PDS.(2) De effectieve dosis guarvezels bij PDS bedraagt 5 gram per dag; in sommige gevallen is 10 gram per dag nodig.(2,92,93)

Een paar conclusies uit de klinische studies:

  • Guarvezels helpen bij PDS bij obese en slanke volwassenen: inname van 5 gram guarvezels per dag gedurende 12 weken door 134 obese en slanke volwassenen (gemiddeld 43 jaar) met PDS (defecatiefrequentie 2-35 keer per week) leidde tot significante verbetering van de defecatiefrequentie; na 3 weken waren PDS-klachten  zoals winderigheid (-56%), een gespannen buik (-5%) en buikkramp (-35%) significant afgenomen.(94)
  • Guarvezels geschikter bij PDS dan tarwezemelen: in een klinische studie met 188 proefpersonen met PDS-C, PDS-D of PDS-A was suppletie met guarvezels (5 gram/dag gedurende 12 weken) even effectief als suppletie met tarwezemelen (30 gram/dag gedurende 12 weken) in het verbeteren van de stoelgang en verminderen van buikpijn.(95) Guarvezels hadden diverse pluspunten: ze werden beter verdragen, waren effectief in een veel lagere dagdosis, de subjectief ervaren verbetering van PDS was sterker en de therapietrouw groter dan bij tarwezemelen.
  • Langdurig gebruik guarvezels bij PDS wenselijk: suppletie met 5 of 10 gram guarvezels gedurende 12 weken bij 86 proefpersonen met PDS was effectief in het verminderen van maag-darmklachten (Gastrointestinal Symptom Rating Scale) en psychische klachten (Hospital Anxiety and Depression Scale) en het verhogen van de kwaliteit van leven (Short Form-36).(93) De verbeteringen waren al na een maand statistisch significant. Het enige verschil tussen de twee doses guarvezels was, dat degenen die de hoge dosis innamen na 3 maanden significant hoger scoorden op vitaliteit dan degenen die de lage dosis innamen. De gunstige effecten van guarvezelsuppletie op maag-darmklachten en kwaliteit van leven waren drie maanden na het stoppen met guarvezelsuppletie iets afgenomen. De onderzoekers concludeerden dat langdurige suppletie met een onderhoudsdosis guarvezels waarschijnlijk nodig is bij PDS.
  • Guarvezels helpen bij functionele buikpijn en PDS bij kinderen: 60 kinderen (8-16 jaar) met chronische buikpijn of PDS (Rome III criteria) deden mee aan een klinische studie waarin de klinische effecten van guarvezels (5 gram/dag gedurende 4 weken) met placebo werden vergeleken. Suppletie met guarvezels leidde tot significante verbetering van symptomen van PDS-D en PDS-C (Birmingham IBS score), afname van buikpijn (Wong-Baker Face Pain Rating Score), en verbetering van de stoelgang (BSS). Dertien van de 30 kinderen in de guarvezelgroep reageerden zeer goed op de behandeling, tegenover 2 van de 30 kinderen in de placebogroep.(96) In een andere studie namen 46 kinderen met PDS-A of PDS-D een guarvezelsupplement in gedurende 6 tot 8 weken. PDS-A- en PDS-D-symptomen namen significant af bij respectievelijk 23 van de 28 (82%) en 11 van de 18 (58%) kinderen en buikpijn verminderde significant bij 68% van de kinderen met buikpijn.(97)
  • Effectgrootte guarvezels bij PDS-C afhankelijk van geslacht, leeftijd en BMI: een klinische studie met 68 volwassenen (19-62 jaar, 50 vrouwen en 16 mannen) met PDS-C toonde aan dat suppletie met guarvezels gedurende 4 weken (dosis niet gespecificeerd) leidde tot significante verbetering van klachten van PDS-C,  fecesconsistentie en colonpassagetijd, en vermindering van gebruik van laxeermiddelen en/of klysma’s. De defecatiefrequentie nam het meest toe bij vrouwen, mensen boven 45 jaar en mensen met overgewicht (BMI, Body Mass Index ≥ 25). Een opgezette buik verbeterde vooral bij mannen, mensen onder 45 jaar en mensen zonder overgewicht (BMI < 25). Incomplete defecatie nam vooral af bij mensen met overgewicht, terwijl het gebruik van laxeermiddelen en/of klysma’s met name daalde bij vrouwen, mensen onder 45 jaar en mensen zonder overgewicht.(43)
  • Guarvezels verlagen methaanproducerende bacteriën bij PDS: mensen met PDS die veel methaanproducerende darmbacteriën (zoals Methanobrevibacter smithii) bij zich dragen, hebben vaker constipatie (PDS-C) en meer last van PDS-klachten zoals gasvorming en winderigheid.(98,99) In een placebogecontroleerde studie met 40 proefpersonen met PDS en een hoge methaanproductie leidde suppletie met guarvezels (5 gram/dag gedurende 4 maanden) tot significante afname van de methaanconcentratie in uitademingslucht bij een glucose-ademtest, van 29 ppm (parts per million) bij aanvang van de studie naar 19 ppm na 1 maand en 13 ppm na 4 maanden. Dit ging gepaard met significante verbetering van de stoelgang en afname van PDS-klachten.

Onvruchtbaarheid en intestinale dysbiose bij vrouwen
Omdat intestinale dysbiose mogelijk een rol speelt bij onvruchtbaarheid bij vrouwen is in een patiënt-controlestudie de samenstelling van het intestinale microbioom van 18 onvruchtbare en 18 vruchtbare vrouwen met elkaar vergeleken (onderzoek feces met 16S rRNA-gensequencing).(109) Tevens is onderzocht of suppletie met guarvezels het succes van ivf (in-vitrofertilisatie) kan verhogen. De bacteriële samenstelling van de feces van onvruchtbare vrouwen verschilde significant met die van vruchtbare vrouwen (meer Verrucomicrobia en Phascolarctobacterium, minder Streptococcus, Roseburia en Stenotrophomonas). Twaalf vrouwen die een ivf-behandeling kregen, waren bereid een voedingssupplement met guarvezels (10 gram per dag gedurende 4 weken) in te nemen. Van hen raakten 7 (58,3%) zwanger en 5 niet; normaliter is het slagingspercentage 36,2%. De kans op een succesvolle zwangerschap was groter bij vrouwen, die door guarvezelsuppletie minder Paraprevotella- en Blautia-bacteriën en meer Bifidobacterium-bacteriën in de ontlasting hadden. De onderzoekers concludeerden dat de samenstelling van het intestinale microbioom verschilt bij vruchtbare en onvruchtbare vrouwen en dat suppletie met guarvezels mogelijk helpt de slagingskans van een ivf-behandeling te verhogen door modulatie van het intestinale microbioom.(109)

Chronische anale fissuur
Een pilotstudie liet zien dat mensen met een genezen anale fissuur (een kloofje, scheurtje of wondje bij de anus) door behandeling met een anale gel met 0,4% glyceryltrinitraat, een significant kleinere kans hadden op het terugkomen van de anale fissuur als ze guarvezels innamen (5 gram/dag gedurende 10 maanden). Guarvezels verbeteren de stoelgang en verlagen de kans op kleine beschadigingen van de anus.(74) Normaliter komt de anale fissuur bij de helft van de mensen na verloop van tijd terug, mede doordat ze last hebben van constipatie of PDS-C. 

Suppletie en veiligheid

Guarvezels kunnen worden toegevoegd aan (koude, warme) dranken of voedsel zonder de smaak, geur, kleur en consistentie te veranderen. Door de zeer lage viscositeit kunnen guarboonvezels ook via vloeibare voeding zoals sondevoeding worden gesuppleerd. Guarboonvezels zijn al 30 jaar op de markt en het gebruik ervan is zeer veilig, zeker in een dosis tot 20 gram per dag.(2,4,100,101) Voor de meeste toepassingen volstaat een dosis van 5 tot 10 gram per dag (kinderen halve dosis).(2) Guarboonvezels kunnen langdurig worden ingenomen en hebben geen negatieve invloed op de opname van voedingsstoffen zoals aminozuren, vetten en mineralen.(2,103,104) Guarboonvezels worden zeer goed verdragen, zelfs in een dosis van 36 gram per dag.(103) Omdat guarvezels langzaam fermenteren, veroorzaken ze in de regel geen overmatige gasvorming, winderigheid en een opgeblazen gevoel. Mochten deze klachten bij aanvang van guarvezelsuppletie toch optreden, dan kan de dosis het beste geleidelijk worden verhoogd.

Interacties

  • Guarvezels kunnen de bloedglucosespiegel verlagen. Mensen die bloedglucoseverlagende medicijnen gebruiken, dienen hiermee rekening te houden.
  • Guarvezels verhogen de calcium- en magnesiumabsorptie (dieronderzoek).(105)
  • Guarvezels verbeteren de intestinale ijzeropname bij ijzergebreksanemie tijdens de groei (dierstudies).(106,107)
  • Bij bacteriële overgroei in de dunne darm (SIBO, Small Intestinal Bacterial Overgrowth) is de combinatie van het antibioticum rifaximine (1200 mg/dag gedurende 10 dagen) en guarvezels (5 gram/dag gedurende 10 dagen) significant effectiever dan rifaximine alleen (humane studie).(73) 
  • Guarvezels (tweemaal daags 10 gram gedurende 2 weken voorafgaande aan radiotherapie en 2 weken tijdens radiotherapie) gaan radiotherapie-geïnduceerde diarree en intestinale dysbiose tegen bij bestraling van het bekken tegen kanker (humane studie).(108)
  • Guarvezelsuppletie verhoogt de effectiviteit van ORS (rehydratievloeistof) bij acute diarree (humane studie).(29)
  • Guarvezels beschermen tegen alcoholgeïnduceerde (acute) leverbeschadiging (preklinische studies).(102)

Contra-indicaties

  • Fecale impactie, zeer ernstige constipatie waarbij een massa droge, harde ontlasting vastzit in het colon of rectum.

Referenties

1. Mudgil D. The interaction between insoluble and soluble fiber. In: Dietary fiber for the prevention of cardiovascular disease: fiber’s interaction between gut micoflora, sugar metabolism, weight control and cardiovascular Health. Elsevier, 2017.
2. Rao TP et al. Role of guar fiber in improving digestive health and function. Nutrition. 2019;59:158-169.
3. Yasukawa Z et al. Effect of repeated consumption of partially hydrolyzed guar gum on fecal characteristics and gut microbiota: a randomized, double-blind, placebo-controlled, and parallel-group clinical trial. Nutrients. 2019;11:2170.
4. Yoon SJ et al. Chemical and physical properties, safety and application of partially hydrolized guar gum as dietary fiber. J Clin Biochem Nutr. 2008;42(1):1-7.
5. Carlson J et al. In vitro analysis of partially hydrolyzed guar gum fermentation on identified gut microbiota. Anaerobe. 2016;42:60-66.
6. Fu X et al. Study on the ability of partially hydrolyzed guar gum to modulate the gut microbiota and relieve constipation. J Food Biochem. 2019;43(2):e12715.
7. Ohashi Y et al. Consumption of partially hydrolysed guar gum stimulates Bifidobacteria and butyrate-producing bacteria in the human large intestine. Benef Microbes. 2015;6:451-455.
8. Miyoshi M et al. Prebiotics improved the defecation status via changes in the microbiota and short-chain fatty acids in hemodialysis patients. Kobe J Med Sci. 2020;66(1):E12-E21.
9. Liu X et al. Partially hydrolyzed guar gum attenuates d-galactose-induced oxidative stress and restores gut microbiota in rats. Int J Mol Sci. 2019;20:4861.
10. Capuco A et al. Current perspectives on gut microbiome dysbiosis and depression. Adv Ther. 2020;37(4):1328-1346.
11. Belizário JE et al. Gut microbiome dysbiosis and immunometabolism: new frontiers for treatment of metabolic diseases. Mediators Inflamm. 2018;2018:2037838.
12. Paiva IH et al. The role of prebiotics in cognition, anxiety, and depression. Eur Neuropsychopharmacol. 2020;34:1-18.
13. Cryan JF et al. The microbiota-gut-brain axis. Physiol Rev. 2019;99(4):1877-2013.
14. Vallianou NG et al. Microbiome and hypertension: where are we now? J Cardiovasc Med (Hagerstown). 2020;21(2):83-88.
15. Ma J et al. The role of gut microbiota in atherosclerosis and hypertension. Front Pharmacol. 2018;9:1082.
16. Tang WH et al. Dietary metabolism, the gut microbiome, and heart failure. Nat Rev Cardiol. 2019;16(3):137-154.
17. Biragyn A et al. Gut dysbiosis: a potential link between increased cancer risk in ageing and inflammaging. Lancet Oncol. 2018;19(6):e295-e304.
18. Picca A et al. Gut dysbiosis and muscle aging: searching for novel targets against sarcopenia. Mediators Inflamm. 2018;2018:7026198.
19. Szychlinska MA et al. A correlation between intestinal microbiota dysbiosis and osteoarthritis. Heliyon. 2019;5(1):e01134.
20. D'Amelio P et al. Gut microbiota, immune system, and bone. Calcif Tissue Int. 2018;102(4):415-425.
21. Noto D et al. Gut dysbiosis and multiple sclerosis. Clin Immunol. 2020 Mar 10:108380.
22. Salem I et al. The gut microbiome as a major regulator of the gut-skin axis. Front Microbiol. 2018;9:1459.
23. Chunxi L et al. The gut microbiota and respiratory diseases: new evidence. J Immunol Res. 2020;2020:2340670.
24. Jazani NH et al. Impact of gut dysbiosis on neurohormonal pathways in chronic kidney disease. Diseases. 2019;7(1):21.
25. Ragonnaud E et al. Gut microbiota as the key controllers of "healthy" aging of elderly people. Immun Ageing. 2021;18(1):2.
26. Liu RT. The microbiome as a novel paradigm in studying stress and mental health. Am Psychol. 2017;72(7):655-667.
27. Ferreira C et al. Is gut microbiota dysbiosis a predictor of increased susceptibility to poor outcome of COVID-19 patients? An update. Microorganisms. 2021;9:53.
28. Takahashi H et al. Influence of partially hydrolyzed guar gum on constipation in women. J Nutr Sci Vitaminol. (Tokyo) 1994;40:251-259.
29. Alam NH et al. Efficacy of partially hydrolysed guar gum added oral rehydration solution in the treatment of severe cholera in adults. Digestion 2008;78:24-29.
30. Ohashi Y ET AL. Faecal fer­mentation of partially hydrolyzed guar gum. J Funct Foods. 2012;4:398-402.
31. Pylkas AM ET AL. Comparison of different fibers for in vitro produc­tion of short chain fatty acids by intestinal microflora. J Med Food. 2005;8:113-6.
32. Koh A et al. From dietary fiber to host physiology: short-chain fatty acids as key bacterial metabolites. Cell. 2016;165(6):1332-1345.
33. Vinolo MA et al. Regulation of inflammation by short chain fatty acids. Nutrients. 2011;3(10):858-876.
34. Bultman SJ. Bacterial butyrate prevents atherosclerosis. Nat Microbiol. 2018;3(12):1332-1333.
35. Felizardo RJ et al. The interplay among gut microbiota, hypertension and kidney diseases: The role of short-chain fatty acids. Pharmacol Res. 2019;141:366-377.
36. Sivaprakasam S et al. Benefits of short-chain fatty acids and their receptors in inflammation and carcinogenesis. Pharmacol Ther. 2016;164:144-51.
37. Kasubuchi M et al. Dietary gut microbial metabolites, short-chain fatty acids, and host metabolic regulation. Nutrients. 2015;7:2839-2849.
38. Ratajczak W et al. Immunomodulatory potential of gut microbiome-derived short-chain fatty acids (SCFAs). Acta Biochim Pol. 2019;66(1):1-12.
39. Silva YP et al. The role of short-chain fatty acids from gut microbiota in gut-brain communication. Front Endocrinol (Lausanne). 2020;11:25.
40. Alexander C et al. Perspective: Physiologic importance of short-chain fatty acids from nondigestible carbohydrate fermentation. Adv Nutr. 2019;10(4):576-589.
41. Pittayanon R et al. Gut microbiota in patients with irritable bowel syndrome - a systematic review. Gastroenterology. 2019;157(1):97-108.
42. Liu S, et al. The microbiome in inflammatory bowel diseases: from pathogenesis to therapy. Protein Cell. 2020 Jun 29.
43. Russo L et al. Partially hydrolyzed guar gum in the treatment of irritable bowel syndrome with constipation: effects of gender, age, and body mass index. Saudi J Gastroenterol. 2015;21(2):104-10.
44. Okubo T et al. Effects of partially hydrolyzed guar gum intake on human intestinal microflora and its metabolism. Biosci Biotechnol Biochem. 1994;58:1364-1369.
45. Niv E et al. Randomized clinical study: partially hydrolyzed guar gum (PHGG) versus placebo in the treatment of patients with irritable bowel syndrome. Metab (Lond). 2016;13:10.
46. Hung TV et al. Dietary fermentable fiber reduces intestinal barrier defects and inflammation in colitic mice. J Nutr 2016;146:1970-6.
47. Takagi T et al. Partially hydrolysed guar gum ameliorates murine intestinal inflammation in association with modulating luminal microbiota and SCFA. Br J Nutr. 2016;116(7):1199-1205.
48. Horii Y et al. Partially hydrolyzed guar gum enhances colonic epithelial wound healing via activation of RhoA and ERK1/2. Food Funct. 2016;7(7):3176-83.
49. Derikx LA et al. Ileo-anale pouch voor inflammatoir darmlijden. Ned Tijdschr Geneeskd. 2013;157:A6585.
50. Atila K et al. Partially hydrolyzed guar gum attenuates the severity of pouchitis in a rat model of ileal J pouch-anal anastomosis. Dig Dis Sci. 2009;54:522-529.
51. Fujii T et al. Partially hydrolyzed guar gum alleviates small intestinal mucosal damage after massive small bowel resection along with changes in the intestinal microbiota. J Pediatr Surg. 2019;54(12):2514-2519.
52. Hung TV et al. Dietary fermentable fibers attenuate chronic kidney disease in mice by protecting the intestinal barrier. J Nutr. 2018;148(4):552-561.
53. Chen C et al. SIRT1 and aging related signaling pathways. Mech Ageing Dev. 2020;187:111215.
54. Rao TP et al. Post-meal perceivable satiety and subsequent energy intake with intake of partially hydrolysed guar gum. Br J Nutr. 2015;113:1489-1498.
55. Rao TP. Role of guar fiber in appetite control. Physiol Behav. 2016;164:277-83.
56. Finley JW et al. Safety assessment and caloric value of partially hydrolyzed guar gum. J Agric Food Chem. 2013;61(8):1756-71.
57. Heini AF et al. Effect of hydrolyzed guar fiber on fasting and postprandial satiety and satiety hormones: a double-blind, placebo-controlled trial during controlled weight loss. Int J Obes Relat Metab Disord. 1998;22:906-909.
58. Lin HV et al. Butyrate and propionate protect against diet-induced obesity and regulate gut hormones via free fatty acid receptor 3-independent mechanisms. PLoS One. 2012;7(4):e35240.
59. Dall'Alba V et al. Improvement of the metabolic syndrome profile by soluble fibre - guar gum - in patients with type 2 diabetes: a randomised clinical trial. Br J Nutr. 2013;110(9):1601-10.
60. Ley RE et al. Microbial ecology: human gut microbes associated with obesity. Nature. 2006;444(7122):1022-3.
61. Yamada K et al. Dietary effect of guar gum and its partially hydrolyzed product on the lipid metabolism and immune function of Sprague-Dawley rats. Biosci Biotechnol Biochem. 1999;63(12):2163-2167.
62. Ide T et al. Hypolipidemic effects of guar gum and its enzyme hydrolysate in rats fed highly saturated fat diets. Ann Nutr Metab. 1991;35(1):34-44.
63. Takeno F et al. Effect of partially decomposed guar gum on high-cholesterol-fed rats and non-dietary fiber-fed rats. J Jpn Nutr Food Sci. 1990;43:421-25.
64. Kondo S et al. Suppressive effects of dietary fiber in yogurt on the postprandial serum lipid levels in healthy adult male volunteers. Biosci Biotechnol Biochem. 2004;68:1135-1138.
65. Yamatoya K et al. Effects of hydrolyzed guar gum on cholesterol and glucose in humans. Food Hydrocoll. 1997;11(2):239-242.
66. Kajimoto O et al. Suppression of postprandial serum triglyceride elevation by a drinking yogurt supplemented with partially hydrolyzed guar gum. J Nutr Food Sci. 2004;7:1-17.
67. Jenkins DJ et al. (1978) Dietary fiber, fiber analogues and glucose tolerance: importance of viscosity. Br Med J. 1978;1(6124):1392–1394.
68. Yamatoya K et al. Effects of partially hydrolyzed guar gum on postprandial plasma glucose and lipid levels in humans. J Jpn Soc Nutr Food Sci. 1993;46:199-203.
69. Tokunaga M et al. Effect of partially hydrolyzed guar gum on postprandial hyperglycemia. Jpn Pharmacol Ther. 2016;44:227-235.
70. Trinidad T et al. Glycemic index of Sunfibre (Cyamoposis tetragonolobus) products in normal and diabetic subjects. Int J Food Sci Technol. 2004;39:1093-1098.
71. Golay A et al. The effect of a liquid supplement containing guar gum and fructose on glucose tolerance in non-insulin-dependent diabetic patients. Nutr Metab Cardiovasc Dis. 1995;5(2):141-148.
72. Gu Y et al. Effect of enzyme hydrolyzed guar gum on the elevation of blood glucose levels after meal. Med Biol. 2003;147:19-24.
73. Furnari M et al. Clinical trial: the combination of rifaximin with partially hydrolysed guar gum is more effective than rifaximin alone in eradicating small intestinal bacterial overgrowth. Aliment Pharmacol Ther. 2010;32(8):1000-6.
74. Brillantino A et al. Maintenance therapy with partially hydrolyzed guar gum in the conservative treatment of chronic anal fissure: results of a prospective, randomized study. Biomed Res Int. 2014;2014:964942
75. Reider SJ et al. Prebiotic effects of partially hydrolyzed guar gum on the composition and function of the human microbiota -results from the PAGODA trial. Nutrients. 2020;12:1257.
76. Kapoor MP et al. Impact of partially hydrolyzed guar gum (PHGG) on constipation prevention: a systematic review and meta-analysis. J Funct Foods. 2017;33:52-66.
77. Üstündağ G et al. Can partially hydrolyzed guar gum be an alternative to lactulose in treatment of childhood constipation? Turk J Gastroenterol. 2010;21(4):360-4.
78. Polymeros D et al. Partially hydrolysed guar gum accelerates colonic transit time and improves symptoms in adults with chronic constipation. Dig Dis Sci. 2014;59:2207-14.
79. Patrick PG et al. Effect of supplements of partially hydrolyzed guar gum on the occurrence of constipation and use of laxative agents. J Am Diet Assoc. 1998;98(8):912-914.
80. Inoue R et al. Dietary supplementation with partially hydrolyzed guar gum helps improve constipation and gut dysbiosis symptoms and behavioral irritability in children with autism spectrum disorder. J Clin Biochem Nutr. 2019;64:217-223.
81. Maeda H et al. Partially hydrolysed guar gum intake ameliorates constipation, improves nutritional status and reduces indoxylsulfuric acid in dialysis patients. Kidney Res Clin Practice. 2012;31:A53.
82. Sariano CV et al. Long-term fiber intervention program: reduction in enema use at development care facility. Proc Med Nutr Ther. 2000;100:A-82.
83. Alam NH et al. Partially hydrolyzed guar gum–supplemented oral rehydration solution in the treatment of acute diarrhea in children. J Pediatr Gastroenterol Nutr. 2000;31:503-507.
84. Alam NH et al. Partially hydrolysed guar gum supplemented comminuted chicken diet in persistent diarrhoea: a randomised controlled trial. Arch Dis Child. 2005;90:195-199.
85. Alam NH et al. Efficacy of partially hydrolyzed guar gum (PHGG) supplemented modified oral rehydration solution in the treatment of severely malnourished children with watery diarrhea: a randomized double-blind controlled trial. J Health Pop Nutr. 2015;34:3.
86. Homann HH et al. Reduction in diarrhea incidence by soluble fiber in patients receiving total or supplemental enteral nutrition. J Parenter Enter Nutr. 1994;18:486-490.
87. Rushdi TA et al. Control of diarrhea by fiber-enriched diet in ICU patients on enteral nutrition: a prospective randomized controlled trial. Clin Nutr. 2004;23:1344-1352.
88. Spapen H et al. Soluble fiber reduces the incidence of diarrhea in septic patients receiving total enteral nutrition: a prospective, double-blind, randomized and controlled trial. Clin Nutr. 2001;20:301-305.
89. Homann HH et al. The beneficial effects of PHGG in enteral nutrition in medical and surgical patients. Clin Nutr. 2004;1(suppl):59-62.
90. Nakamura S et al. Suppressive effect of partially hydrolyzed guar gum on transitory diarrhea induced by ingestion of maltitol and lactitol in healthy humans. Eur J Clin Nutr. 2007;61(9):1086-93.
91. Kapoor M et al. A randomized, double-blind, placebo-controlled, crossover clinical trial of partially hydrolyzed guar gum dietary fiber for the improved gut microbiome in healthy athletes. Curr Dev Nutr. 2020; 4(Suppl 2):1568.
92. Williams L et al. Dietary fiber and other alternative therapies and irritable bowel syndrome. Top Clin Nutr. 2009;24:262-271.
93. Parisi G et al. Treatment effects of partially hydrolyzed guar gum on symptoms and quality of life of patients with irritable bowel syndrome. A multicenter randomized open trial. Dig Dis Sci. 2005;50:1107-1112.
94. Giaccari S et al. Partially hydrolyzed guar gum: A fiber as coadjuvant in the irritable colon syndrome. La Clin Ter. 2001;152:21-25.
95. Parisi GC et al. High-fiber diet supplementation in patients with irritable bowel syndrome (IBS): a multicenter, randomized, open trial comparison between wheat bran diet and partially hydrolyzed guar gum (PHGG). Dig Dis Sci. 2002;47:1697-1704.
96. Romano C et al. Partially hydrolyzed guar gum in pediatric functional abdominal pain. World J Gastroenterol. 2013; 19(2): 235-240.
97. Paul SP et al. Stool consistency and abdominal pain in irritable bowel syndrome may be improved by partially hydrolyzed guar gum. J Pediatr Gastroenterol Nutr. 2011;5:53.
98. Furnari M et al. Efficacy of partially hydrolysed guar gum in reducing methane excretion and clinical manifestation of subjects suffering from irritable bowel syndrome. Gastroenterology. 2012;142(5):S391.
99. Kim G et al. Methanobrevibacter smithii is the predominant methanogen in patients with constipation-predominant IBS and methane on breath. Dig Dis Sci. 2012;57(12):3213-8.
100. Lina BAR. Sub-chronic (13 week) oral toxicity study with Sunfiber and Sunfiber ST in rats. TNO report V97.080. Amsterdam: TNO Nutrition and Food Research Institute; 1997.
101. Anderson SA et al. Evaluation of the health aspects of using partially hydrolysed guar gum as a food ingredient. Bethesda, MD: Life Sciences Research Office, Federation of American Societies for Experimental Biology;1993.
102. Wu C et al. Hepatoprotective potential of partially hydrolyzed guar gum against acute alcohol-induced liver injury in vitro and vivo. Nutrients. 2019;11:963.
103. Takahashi H et al. Effect of par­tially hydrolyzed guar gum on fecal output in human volunteers. Nutr Res. 1993;13:649-57.
104. Alam NH et al. Effects of a partially hydrolyzed guar gum on intestinal absorption of carbohydrate, protein and fat: a double-blind controlled study in volunteers. Clin Nutr. 1998;17:125-9.
105. Hara H et al. Increases in calcium absorption with ingestion of soluble dietary fibre, guar-gum hydrolysate, depend on the caecum in partially nephrectomized and normal rats. Br J Nutr. 1996;76(5):773-84.
106. Carvalho L et al. Partially hydrolyzed guar gum increases ferroportin expression in the colon of anemic growing rats. Nutrients. 2017;9:228.
107. de Cássia Freitas K et al. Partially hydrolyzed guar gum increases intestinal absorption of iron in growing rats with iron deficiency anemia. Clin Nutr. 2006;25(5):851-8.
108. Rosli D et al. Randomized controlled trial on the effect of partially hydrolyzed guar gum supplementation on diarrhea frequency and gut microbiome count among pelvic radiation patients. JPEN J Parenter Enteral Nutr. 2021;45(2):277-286.
109. Komiya S et al. Characterizing the gut microbiota in females with infertility and preliminary results of a watersoluble dietary fiber intervention study. J Clin Biochem Nutr. 2020;67(1):105-111.